München aan Huis
Batch #7 — München aan Huis
Sommige bieren brouwen we omdat we een bepaald recept willen proberen. Andere omdat we benieuwd zijn of we een bekende smaak kunnen benaderen. Maar Batch #7 had vanaf het begin een heel duidelijk doel: er kwam een feest bij ons thuis aan en daar moest natuurlijk eigen bier op de tap staan.
Niet zomaar een experimenteel bier waar alleen wij als hobbybrouwers enthousiast van zouden worden. We wilden juist iets maken dat bijna iedereen lekker zou kunnen vinden. Fris, niet overdreven bitter, lekker doordrinkbaar en toch duidelijk iets anders dan een gewoon pilsje.
Het idee werd een Duits Festbier. Een bier in de sfeer van het Oktoberfest: goudkleurig, moutig, een mooie schuimkraag en vooral gemaakt om niet na één glas alweer genoeg van te hebben.
En deze batch was voor ons ook op een andere manier bijzonder. Daniël brouwde hem samen met zijn vrouw Kim.
Op 13 juni 2026 ging de BrewZilla aan voor Batch #7. Wie onze eerdere brouwavonturen kent, verwacht misschien dat hier het moment komt waarop er iets overstroomt, vergeten wordt of volledig anders loopt dan gepland. Maar deze keer gebeurde er eigenlijk iets heel bijzonders:
Het ging gewoon goed.
Geen grote paniek, geen overkokende ketel en geen moment waarop we elkaar aankeken met de vraag hoe we dit in vredesnaam weer moesten oplossen. We hadden inmiddels duidelijk wat meer ervaring gekregen en konden samen gewoon een ontspannen brouwdag draaien.
Bijna saai.
Bijna.
Want bij het meten kregen we toch nog een kleine verrassing. We hadden gerekend op een begin-SG van ongeveer 1.058, maar uiteindelijk kwam de meting uit op 1.063. We hadden dus wat meer uit de mout weten te halen dan vooraf berekend.
Er zijn vervelendere verrassingen tijdens een brouwdag.
Het betekende alleen wel dat ons makkelijke feestbier iets steviger zou worden dan oorspronkelijk bedacht. Geen enorm verschil, maar genoeg om het bier uiteindelijk nét wat meer body en karakter te geven.
Daarna mocht de gist aan het werk en begon het lange wachten. Na de vergisting volgden de gebruikelijke stappen en op 26 juni ging het bier naar de Oxebar. Vanaf dat moment kreeg het vooral iets wat bij een goed lagerbier misschien nog belangrijker is dan allerlei ingewikkelde ingrediënten:
Tijd.
Het bier mocht wekenlang koud lageren richting het feest. Af en toe controleren, natuurlijk zo nu en dan eens proeven — uitsluitend voor kwaliteitscontrole — en verder vooral proberen er vanaf te blijven.
Tijdens die proefmomenten werd langzaam duidelijk dat het bier een heel eigen karakter had gekregen. Het was fris en schoon, met een aangename lichte bitterheid, maar daaronder zat een opvallend rijke moutige smaak. Eerst omschreven we het vooral als broodachtig en een beetje zoet. Later begon het steeds meer richting honing en karamel te gaan.
Niet helemaal wat we vooraf precies in ons hoofd hadden toen we aan een fris Duits Festbier dachten, maar zeker niet verkeerd.
En uiteindelijk kwam de dag waarvoor we het allemaal hadden gedaan: ons feest thuis.
De Oxebar werd aangesloten, de tap kon open en vanaf dat moment waren wij eigenlijk niet meer de belangrijkste keurmeesters. Je kunt zelf namelijk eindeloos praten over mout, hop, vergisting en wat je allemaal denkt te proeven, maar de mensen op een feest hebben daar weinig boodschap aan.
Die willen gewoon een lekker glas bier.
En dat bleek gelukt.
Het Festbier viel goed in de smaak en er werd met plezier van gedronken. Wat vooral leuk was, was dat de omschrijving die bij het proeven terugkwam precies aansloot bij wat wij zelf al hadden ontdekt:
Honing-karamel.
Dat werd eigenlijk het herkenbare karakter van het bier. Een frisse Duitse lager met daaronder die zachte, volle moutigheid die aan honing en karamel deed denken. Niet omdat we honing of karamel hadden toegevoegd, maar gewoon als smaak die tijdens het brouwen en lageren uit het bier zelf naar voren was gekomen.
En misschien was het juist daardoor wel leuker dan wanneer het exact geworden was wat we vooraf op papier hadden bedacht.
Het belangrijkste was tenslotte dat het bier waarvoor Kim en Daniël samen hadden staan brouwen, op hun eigen feest uit de tap kwam en door de gasten met plezier werd gedronken.
Natuurlijk zouden we geen hobbybrouwers zijn als we achteraf niet alweer iets vonden dat de volgende keer nóg beter kan.
De honing-karamelsmaak hoeft wat ons betreft absoluut niet te verdwijnen. Die hoort inmiddels bij dit bier. Wel vonden we de afdronk zelf iets voller en zoeter dan noodzakelijk. De volgende keer zouden we hem daarom nét wat droger willen brouwen, zodat hij na iedere slok iets schoner eindigt en nog makkelijker doordrinkt.
Geen grote verbouwing dus. Geen compleet nieuw recept.
Gewoon finetunen.
Want waarom zou je iets helemaal veranderen als iedereen er met plezier van heeft zitten drinken?
En zo kreeg Batch #7 uiteindelijk ook een passende naam.
We wilden een Oktoberfest-achtig bier voor een feest thuis. We hoefden daarvoor niet naar Beieren, geen lederhose aan en ook geen tafel in een overvolle feesttent te reserveren.
We haalden München gewoon naar huis.
München aan Huis.
Gebrouwen door Kim en Daniël, voor ons eigen feest. Een fris en moutig Festbier met zijn eigen honing-karamelkarakter, dat nét iets anders werd dan vooraf bedacht en juist daardoor een bier werd dat we nog een keer willen brouwen.
De volgende versie iets droger.
Maar die honing-karamel?
Die blijft.
Proost.